• Calcium

Calcium

Calcium (of kalk) is het meest voorkomende mineraal in het lichaam. Calcium is in sommige voedingsmiddelen aanwezig, bij andere wordt het toegevoegd (o.a. medicijnen), maar is ook verkrijgbaar als voedingssupplement. Calcium speelt een ​​rol bij o.a.: gezondheid van de botten en osteoporose; hart-en vaatziekte; bloeddrukregulatie en hypertensie; kankers van de karteldarm, het rectum en de prostaat. Het lichaam gebruikt botweefsel als reservoir en bron van calcium om constante calciumconcentraties in bloed, spieren en intercellulaire vloeistoffen te handhaven.

Leeftijd afhankelijk

99% van de calciumvoorraad van het lichaam wordt opgeslagen in de botten en tanden waar het hun structuur en functie ondersteunt. Bot zelf ondergaat een continue hermodellering, met constante resorptie en afzetting van calcium in nieuw bot. Het evenwicht tussen botresorptie en afzetting verandert met de leeftijd.

Bij vrouwen boven de 50 jaar (zeker na de menopauze) en bij mannen van boven de 70 jaar wordt calcium minder goed opgenomen in het bloed. De botten gaan langzaam ontkalken, waardoor oude mensen vaker iets breken. Hoe meer calcium er op jonge leeftijd in de botten zit, hoe langer de botten stevig blijven. Beweging helpt tegen het ontkalken van botten op latere leeftijd.  Bij kinderen kan zich de Engelse ziekte zich voordoen als kinderen minder dan 125 milligram calcium per dag gebruiken. Ook  spierkrampen kunnen daar een onderdeel van zijn. Deze aandoeningen zijn in veel gevallen het gevolg van te weinig vitamine D waardoor de calciumopname uit de voeding verstoord is, ook als de voeding voldoende calcium bevat.

Gezondheid van de botten

Botten nemen in omvang en massa toe tijdens perioden van groei in de kindertijd en adolescentie, en bereiken een piekbotmassa rond de leeftijd van 30 jaar. Hoe groter de piekbotmassa, hoe langer men ernstig botverlies kan vertragen bij toenemende leeftijd. Iedereen zou daarom tijdens de kindertijd, adolescentie en vroege volwassenheid voldoende calcium en vitamine D moeten consumeren. Osteoporose, een aandoening die wordt gekenmerkt door poreuze en kwetsbare botten, is een ernstig probleem voor de volksgezondheid. Osteoporose wordt het meest geassocieerd met fracturen van de heup, wervels, pols, bekken, ribben en andere botten.

Wanneer de calciuminname laag is of het ingenomen calcium slecht wordt geabsorbeerd, treedt botafbraak op omdat het lichaam het opgeslagen calcium gebruikt om normale biologische functies te behouden. Botverlies treedt ook op als onderdeel van het normale verouderingsproces, vooral bij postmenopauzale vrouwen als gevolg van verminderde hoeveelheden oestrogeen. Veel factoren verhogen het risico op het ontwikkelen van osteoporose, waaronder vrouwelijk, mager, inactief of gevorderde leeftijd; sigaretten roken; overmatige hoeveelheden alcohol drinken; en een familiegeschiedenis van osteoporose hebben.

Kanker van de dikke darm en het rectum

Gegevens uit observationele en experimentele studies over de mogelijke rol van calcium bij het voorkomen van colorectale kanker suggereren in hoge mate een beschermend effect. Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat een hogere inname van calcium uit voedingsmiddelen (magere zuivelbronnen) en / of supplementen geassocieerd is met een verminderd risico op darmkanker. In een vervolgstudie van de Calcium Polyp Prevention Study leidde suppletie met calciumcarbonaat tot een vermindering van het risico op adenoom (een niet-kwaadaardige tumor) in de karteldarm, een voorloper van kanker, zelfs tot wel 5 jaar nadat de proefpersonen het supplement stopten. In twee grote prospectieve epidemiologische onderzoeken hadden mannen en vrouwen die extra calcium per dag consumeerden een 40% –50% lager risico op het ontwikkelen van linkerzijdedarmkanker.

Pre-eclampsie

Pre-eclampsie is een zwangerschapscomplicatie die gekenmerkt wordt door een combinatie van te hoge bloeddruk en eiwitverlies via de urine, meestal na 20 weken zwangerschap. Het is een belangrijke oorzaak van maternale en neonatale morbiditeit en mortaliteit en treft ongeveer 5-8% van de zwangerschappen. Studies suggereren dat calciumsuppletie tijdens de zwangerschap het risico op pre-eclampsie vermindert. De afname van het risico was het grootst bij vrouwen met een hoog risico op pre-eclampsie en bij vrouwen met een lage basis calciuminname.

Calciumtekort & gevoelige groepen

Op de lange termijn veroorzaakt onvoldoende calciumopname osteopenie die, indien onbehandeld, kan leiden tot osteoporose. Het risico op botbreuken neemt ook toe, vooral bij oudere personen. Calciumtekort kan ook rachitis veroorzaken, hoewel het vaker wordt geassocieerd met vitamine D-tekort. Calciumtekort kan op de lange termijn negatieve gevolgen hebben voor de gezondheid. De volgende groepen hebben de meeste kans om extra calcium nodig te hebben.

Postmenopauzale vrouwen
De menopauze leidt tot botverlies omdat afname van de oestrogeenproductie zowel de botresorptie verhoogt als de calciumabsorptie vermindert. Een jaarlijkse afname van de botmassa van 3% -5% per jaar komt vaak voor in de eerste jaren van de menopauze, maar de afname is doorgaans minder dan 1% per jaar na de leeftijd van 65 jaar [29]. Een verhoogde calciuminname tijdens de menopauze compenseert dit botverlies niet volledig. Hormoonvervangende therapie (HST) met oestrogeen en progesteron helpt het calciumgehalte te verhogen en osteoporose en fracturen te voorkomen. Oestrogeentherapie herstelt de postmenopauzale botremodellering tot hetzelfde niveau als tijdens de premenopauze, wat leidt tot minder botverlies, misschien gedeeltelijk door de opname van calcium in de darmen. Verschillende medische groepen en professionele verenigingen ondersteunen het gebruik van HST als optie voor vrouwen met een verhoogd risico op osteoporose of fracturen. Dergelijke vrouwen dienen deze kwestie met hun zorgverleners te bespreken. Bovendien kan het consumeren van voldoende hoeveelheden calcium in de voeding de snelheid van botverlies bij alle vrouwen helpen vertragen.

Amenorroe, osteoporose en eetstoornissen
Amenorroe, de aandoening waarbij de menstruatie stopt of niet begint bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd, is het gevolg van verminderde circulerende oestrogeenspiegels die op hun beurt een negatief effect hebben op de calciumbalans. Amenorroïsche vrouwen met anorexia nervosa hebben een verminderde calciumabsorptie en hogere calciumuitscheiding via de urine, evenals een lagere botvorming dan gezonde vrouwen. De "triade van vrouwelijke atleten" verwijst naar de combinatie van eetstoornissen, amenorroe en osteoporose. Door inspanning geïnduceerde amenorroe resulteert in het algemeen in een verminderde botmassa. Bij vrouwelijke atleten en actieve vrouwen in het leger worden lage botmineraaldichtheid, onregelmatige menstruatie, bepaalde voedingspatronen en een voorgeschiedenis van eerdere stressfracturen geassocieerd met een verhoogd risico op toekomstige stressfracturen. Dergelijke vrouwen moeten worden geadviseerd om voldoende calcium en vitamine D te consumeren. Van supplementen van deze voedingsstoffen is aangetoond dat ze het risico op stressfracturen verminderen.

Vegetariërs
Vegetariërs absorberen mogelijk minder calcium dan alleseters omdat ze meer plantaardige producten consumeren die oxaalzuur en fytinezuur bevatten. Lacto-ovo-vegetariërs (die eieren en zuivelproducten consumeren) en niet-vegetariërs hebben vergelijkbare calciuminname. Echter, veganisten, die geen dierlijke producten eten en ovo-vegetariërs (die eieren eten maar geen zuivelproducten), krijgen mogelijk niet voldoende calcium omdat ze zuivelproducten vermijden. In het Oxford-cohort van het European Prospective Investigation into Cancer and Nutrition was het risico op botbreuken vergelijkbaar bij vleeseters, viseters en vegetariërs, maar hoger bij veganisten, waarschijnlijk vanwege hun lagere gemiddelde calciuminname.

WELKE VORM VAN CALCIUM werkt het beste?

Calcium kunt u kopen en innemen via verschillende manieren zoals capsules, tabletten, poeder of vloeibare vorm.

Lage biobeschikbaarheid (opname door het lichaam)
De opname door het lichaam ligt bij orale inname altijd vrij laag, rond de 20%. Dit komt door het zgn. First-Pass-Effect (medische term), dit betekent dat het lichaam (maagwand, maag, lever) meteen aan het werk gaan om de stoffen af te breken, zo komen ze nauwelijks in de bloedbaan terecht en verliezen daarmee de effectiviteit.

Hoge biobeschikbaarheid (opname door het lichaam)
Een toediening dat, wetenschappelijk is bewezen, en veel effectiever werkt is via transdermale toediening (via een pleisters). Op deze manier hoeft het lichaam de stoffen niet te verteren, want via de huid komt de calcium direct in de bloedbaan terecht. Daarmee stijgt de opneembaarheid 4x ofwel naar 65%!

Wij gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website voor de bezoeker juist werkt.